Luizenmoeder beter dan/als andere tv-programma’s

Kwestie van smaak?

De Luizenmoeder. Het is een van de populairste televisieprogramma’s van dit moment, kan ik met behoorlijke zekerheid zeggen. Onverwacht, maar terecht. Ja, ook ik ben fan. Het programma is grappig. En herkenbaar.

Enge juf

Toen mijn kind nog op de basisschool zat, was ik een van die actieve moeders. Klassenmoeder, leesmoeder, knutselmoeder…ik ben het allemaal geweest. En ja, helaas ook luizenmoeder, al was dat een klusje dat klassenmoeders erbij moesten doen. Wat ook herkenbaar is: net als op de school van De Luizenmoeder gaf op mijn lagere school vroeger een ‘enge’ juf les. En ja hoor, ook op de basisschool van mijn kind liep een juf rond bij wie ik liever uit de buurt bleef.

Als of dan

Een school als setting voor een comedyserie betekent natuurlijk dat leerlingen les krijgen. Onder andere in taal. En dan wordt het voor mij interessant. In een van de afleveringen kwam dan ook de bekende kwestie ’als-of-dan’ aan de orde. Je kon erop wachten. De ene moeder die de andere verbetert. En vervolgens zo in de war raakt dat ze een goede ‘dan’ bijna verbetert, maar zich net op tijd bedenkt.

De regels

Sommigen vragen zich hardop of we deze taalkwestie niet beter kunnen negeren. Wat maakt het uit of iemand ‘beter als’ in plaats van ‘beter dan’ zegt. Er zijn wel ergere taalfouten te bedenken. Maar zolang de regels nog niet officieel zijn afgeschaft of versoepeld, moeten we proberen ons eraan te houden. Vind ik. Daarom heb ik de regels even op een rij gezet.

Wanneer gebruik je wat en wanneer als?

Dan gebruik je bij een vergrotende trap.

  • Katten zijn groter dan muizen.
  • Lena heeft een mooiere stem dan Emma.
  • Ik kan sneller lopen dan jij.

Je gebruikt als bij vergelijkingen.

  • Lisa is net zo lang als Annemieke.
  • Onze kat is even oud als jouw hond.
  • Die man is zo sterk als een beer.

Tekstschrijver gezocht? Hier moet je op letten!

Tekstschrijver gezocht? Hier moet je op letten!

Teksten voor een website schrijven. Het lijkt zo gemakkelijk. Maar als je ermee aan de slag gaat, valt het vaak tegen. Goede teksten schrijven kost bovendien meer tijd dan je denkt. En hoe maak je de teksten SEO-proof? Als je er (even) niet meer uitkomt, is een freelance tekstschrijver inschakelen een goede oplossing. Bij het zoeken naar een geschikte tekstschrijver moet je letten op een aantal dingen. Dan krijg je de teksten die jij wilt. Teksten die passen bij jou en je bedrijf.

Ervaring

Er zijn veel onervaren tekstschrijvers die wel even een prachtige tekst voor je willen schrijven. Is ervaring belangrijk? Dat hangt ervan af. Heb je een beperkt budget en wil je zo goedkoop mogelijk een tekst laten schrijven? Of ga je voor wat meer kwaliteit? Natuurlijk zijn er genoeg beginnende tekstschrijvers die steengoede teksten kunnen schrijven. Maar een ervaren tekstschrijver kan je voorbeelden laten zien van verschillende soorten teksten die hij of zij heeft geschreven. Dat is een groot voordeel, want het geeft je een beeld van de kwaliteit die je kunt verwachten.

Kennis van de doelgroep

Moet iemand de doelgroep goed kennen om er pakkende teksten over te kunnen schrijven? Dat hangt ervan af. Bestaat je doelgroep uit bijvoorbeeld alleen ICT-professionals, artsen of advocaten, dan kun je misschien beter kiezen voor een gespecialiseerde tekstschrijver. Dat hoeft niet een schrijvende arts of elektromonteur te zijn, maar wel iemand die weet wat er speelt binnen de doelgroep. Veel teksten zijn echter bedoeld voor een algemenere doelgroep. Ook schrijven de meeste tekstschrijvers naar hun doelgroep toe. Een goede tekstschrijver op leeftijd kan zich heus wel inleven in een scholier. En een tekstschrijver die een hekel heeft aan honden, kan prima inspirerende teksten gericht op hondeneigenaren schrijven.

Kennis van het onderwerp

Soms is veel kennis over een onderwerp nodig, vanwege de complexiteit ervan. Een tekst over psychotherapie, financiële producten of belastingen vraagt om de nodige kennis. Maar om een tekst voor de website van een sportschool te tikken, hoeft een tekstschrijver niet wekelijks op een fitnessapparaat te zitten. Voor een artikel over de voordelen van een nieuwe boormachine heb je geen klussende copywriter nodig. Kortom: een goede tekstschrijver kan zich razendsnel in de meeste onderwerpen verdiepen.

De stijl van de tekstschrijver

Heb je een tekstschrijver op het oog? Kijk dan ook altijd even naar teksten die hij of zij eerder schreef. Die staan meestal wel op zijn of haar website. Tekstschrijvers hebben vaak een bepaalde stijl. Natuurlijk kunnen ze in de stijl schrijven die jij wilt. Formeel, informeel, warm, grappig…de lijst is eindeloos. Maar als je van tevoren weet dat de stijl van de voorbeeldteksten je aanspreekt (of juist niet), ben je al een stapje verder.

SEO: het toverwoord

En dan zijn we beland bij dat korte, maar belangrijke woordje. SEO. Zoekmachineoptimalisatie. Want je wilt natuurlijk dat de teksten op je website gevonden worden. Een tekstschrijver die ervaring heeft met SEO-teksten weet waar je op moet letten. Niet alleen moeten de juiste zoekwoorden in de tekst staan, maar ook in de juiste verhouding én op de juiste plekken. Maar let op: dan ben je er nog niet. Want de tekst moet ook prettig leesbaar zijn. Dat wordt nog weleens vergeten door opdrachtgevers en (onervaren) schrijvers die alleen aan SEO denken. Blijf dus altijd kritisch. SEO is zeker nodig voor de teksten op je website, maar vergeet je lezers nooit! Je wilt vast niet dat de bezoekers van je website afhaken vanwege een draak van een tekst.

 

 

 

 

 

 

 

De freelance tekstschrijver en de kerstborrel

Het is alweer eind december. De tijd van de kerstborrels, kerstlunches, kerstfeesten en -bijna- nieuwjaarsborrels. En natuurlijk het kerstpakket! Verwachtingsvol maken werknemers in het hele land de envelop, doos, kist of trolley open. Wat zal er dit jaar inzitten? Jarenlang had ook ik ermee te maken, toen ik nog in loondienst werkte als online redacteur. Maar nu niet meer. Helaas?

Nieuwsartikel

Als freelance tekstschrijver is het toch een heel ander verhaal. Van een aantal relaties kreeg ik een leuke kerstkaart en van een zelfs een mooie fles wijn met bijpassende lekkere hapjes. Ik word dus niet vergeten tijdens de donkere dagen voor kerst, maar het is niet hetzelfde als een gezellige kerstborrel met collega’s. Meestal geniet ik van de vrijheid die het freelancen me geeft. En de variatie, want elke opdracht is anders. Als freelance tekstschrijver creëer je de ene dag een nieuwsartikel voor een opleidingsinstituut, de volgende dag een artikel over een modemerk voor een online warenhuis. De afwisseling maakt het werk boeiend. Je schrijft over allerlei onderwerpen, voor verschillende organisaties en in verschillende vormen: blogs, nieuwsartikelen, websiteteksten, landingspagina’s, maar ook human interest verhalen voor gedrukte vakbladen en brochureteksten.

Collega’s

Maar toch, rond feestdagen mis ik collega’s. Niet alleen vlak voor Kerstmis, om samen het kerstpakket te beoordelen. Of op 2 januari om de beste wensen voor het nieuwe jaar uit te wisselen. Ook rond Pasen en Pinksteren voel ik dat gemis, dat ergens achter in mijn hoofd knaagt. Een opdrachtgever via de mail fijne kerst-, paas- of pinksterdagen wensen, is toch anders dan een collega die tegenover je zit.

Interessante opdrachten

Natuurlijk maak ik het wel gezellig in mijn kantoortje aan huis. Kerstboompje, lichtjes, kerstkaarten aan de muur, ronkende kat op schoot… En als ik mijn hond uitlaat, wens ik andere hondeneigenaren fijne feestdagen. Dat zijn eigenlijk mijn collega’s bij gebrek aan echte. Maar begin januari is de kerstboom opgeruimd. Dan ga ik weer aan de slag met al die interessante opdrachten in het nieuwe jaar! En ervaar de voordelen van een freelance tekstschrijver zijn.

De beste tips om je eigen tekst te corrigeren

Je hebt een tekst geschreven. Met het bekende ‘kill your darlings’ in je hoofd heb je flink zitten schrappen. Alle overbodige informatie heb je eruit gehaald. Alle kromme zinnen en tikfouten heb je gedeletet. Je tekst is nu foutloos, dus je kunt hem meteen online zetten. Helaas. Niets (nou ja, bijna niets) is zo lastig als je eigen teksten redigeren of corrigeren. Je kijkt al heel snel over tikfoutjes, ontbrekende letters en een spatie te veel of juist te weinig heen.

Als freelance tekstschrijver heb ik niet de luxe van een collega tegenover me. Een collega aan wie ik kan vragen even een tekst door te lezen voordat ik die mail naar een opdrachtgever. Ik heb veel ervaring als tekstschrijver en heb ook behoorlijk wat teksten van anderen geredigeerd of gecorrigeerd. Daardoor ken ik wel een paar handige trucs die je helpen om je eigen teksten beter na te kijken. Ik heb de beste op een rij gezet.

Tips die je helpen teksten te redigeren

Tip 1 Maak het lettertype op je scherm wat groter

Zet niet het beeldscherm op 200% zoals sommige mensen doen, maar zet het lettertype op bijvoorbeeld 16 of 18 punten. Als de letters net wat groter zijn, spoor je foutjes in je tekst sneller op. En nee, deze tip geldt absoluut niet alleen voor mensen die stiekem een leesbril nodig hebben.

Tip 2 Lees lukraak

Lees de tekst niet van boven naar beneden, maar pik er lukraak wat zinnen uit of begin onderaan met lezen. Je haalt zo niet alleen fouten uit je tekst, maar het dwingt je ook over de volgorde van zinnen en alinea’s na te denken.

Tip 3 Hardop lezen

Het lijkt onzin, maar het werkt echt: lees je tekst hardop en foutjes of ontbrekende woorden vallen eerder op. Misschien zie je wat verbaasde gezichten om je heen, maar wat maakt het uit. Als het maar een foutloze tekst oplevert.

Tip 4 Print je tekst uit

Tja, het is niet goed voor het milieu, maar wel goed voor de kwaliteit van je tekst. Op papier zie je spel- en grammaticafouten, ontbrekende woorden en onlogische zinsvolgordes nou eenmaal sneller dan op het beeldscherm van je laptop, tablet of computer. En het leest ook veel prettiger.

Tip 5 Laat je tekst even liggen

Schrijf je tekst, corrigeer hem en kijk er dan minstens een uur niet naar. Liefst nog langer. Op een gegeven moment word je namelijk blind voor je eigen fouten. De tekst later met een frisse blik lezen, kan dat voorkomen.

Tip 6 Gebruik de spellingscontrole

Deze tip lijkt misschien een dooddoener, toch gebruiken sommige mensen de spellingscontrole niet of nauwelijks. Ook handig als je een tekst in een andere taal moet schrijven of nakijken!

Tip 7 Negeer de spellingscontrole

Huh? De spellingscontrole van je tekstverwerkingsprogramma pikt helaas niet alle spelfouten uit je tekst. En als een verkeerd geschreven woord (word) een bestaand (bestand) woord is, negeert het spellingshulpje dat. Negeren hoeft niet, maar vertrouw niet blindelings op de spellingscontrole om verrassingen in je tekst te voorkomen.

Tip 8 Laat je teksten schrijven of redigeren door een freelance tekstschrijver

Vind je het toch wat lastig of heb je gewoon geen tijd om met de teksten op je website aan de slag te gaan? Als je hulp nodig hebt bij het schrijven, verbeteren of corrigeren van de teksten op je website kun je mij natuurlijk altijd inschakelen. Stuur me een mailtje voor meer informatie of een offerte.

Zwarte Piet: met hoofdletters schrijven of niet?

Het is weer november dus de discussie rond (Zwarte) Piet barst weer los. Iedereen mag daar zijn of haar mening over hebben, daar bemoei ik me niet mee. Maar ik kan het ook niet laten om tussen het schrijven door een blik te werpen op de vele berichten en reacties over dit heikele onderwerp. Dat niet iedereen de regels rond hoofdletters in de vingers heeft, wordt dan snel duidelijk.

Sinterklaas en sinterklaasavond

Daarom heb ik even de regels op een rijtje gezet. Voor al die mensen die de komende weken hun mening op Facebook, Twitter en Instagram gaan ventileren. En ook voor al die mensen die bij het maken van sinterklaasgedichten de plank niet mis willen slaan.

Sinterklaas, of Sint-Nicolaas zoals sommige mensen zeggen,

Schrijven we met een hoofdletter, dat is eenvoudig uit te leggen.

Het gaat om de enige echte man, vergis je niet

En niet om een hulpsinterklaas en zijn hulppiet.

Alleen Sinterklaas brengt op 5 december pakjes rond

Tenzij het weer echt vreselijk is op sinterklaasavond.

Dan wacht hij tot de komst van zijn collega de Kerstman

Die dan sinterklaascadeaus naar kinderen brengen kan.

Maar meestal verschijnt Sinterklaas met zijn Zwarte Piet

Of zoals tegenwoordig: met een regenboog- of gewone piet.

Na sinterklaasavond komt Kerstmis, al heel snel

Al dat sinterklaassnoep moet dan op zijn, jawel.

Want met kerst brengt een kerstman, gewoon een verklede man,

In elk huis een kerstster en kerstcadeautjes, als hij kan.

Feestdag

Vind je het verwarrend? Dan ben je niet de enige. Zelfs taalinstanties zijn het niet met elkaar eens. Volgens de officiële spelling is sinterklaasavond met een kleine letter. Maar feestdagen schrijf je met een hoofdletter, dus dan is het: Sinterklaasavond en Sinterklaasfeest.

Er zijn een paar algemene regels:

  • Eigennamen schrijf je met een hoofletter, dus het is altijd Sinterklaas, Zwarte Piet en de Kerstman. Maar dan alleen als je het over de echte hebt, dus: ‘Sinterklaas komt morgen in Utrecht aan.’
  • Als je deze personen in algemene zin gebruikt, schrijf je de namen met kleine letters. Bijvoorbeeld: ‘Ik zag een dronken kerstman op de Oude Gracht in Utrecht.’
  • Combineer je de woorden sinterklaas, kerst(man)en zwarte piet met een ander woord? Dan je schrijf je ze volgens de officiële regels met kleine letters en aan elkaar: sinterklaasgedicht, kerstfeest en zwartepietenpruik.

 

 

 

Te oud om te schrijven?

‘Werkgevers prijzen oudere werknemers’, kopte dagblad Trouw deze week. ‘Ruim driekwart van de ondernemers vindt dat 55-plussers even goed functioneren als jongeren. En 12 procent vindt zelfs dat ouderen beter presteren.’

Dat is goed nieuws voor ‘ouderen’ die een vaste baan hebben. Ze worden gewaardeerd. Is het ook goed nieuws voor leeftijdsgenoten die op zoek zijn naar een (nieuwe) baan? De meeste werkgevers zijn blijkbaar blij met hun rijpere medewerkers. Maar denken ze ook zo positief over niet-zo-jonge mensen als het tijd is om nieuw personeel te werven?

Op zoek naar een redacteur – of niet?

Een paar jaar geleden kwam ik weer in Nederland wonen na een expatavontuur in het Midden-Oosten. Zodra mijn gezin en ik weer enigszins gesetteld waren, ging ik voorzichtig om me heen kijken voor een passende baan. Echt veel vacatures zag ik niet. Kennelijk waren niet veel werkgevers op zoek naar een nieuwe redacteur of webredacteur. Op zich niet zo gek, want tijdens de economische crisis waren veel vakgenoten ontslagen. Schrijfwerk wordt sindsdien vaak uitbesteed aan communicatie- en redactiebureaus. En aan freelance tekstschrijvers en redacteuren natuurlijk.

Schrijven kun je leren

Maar wat me nog het meest opviel… Of nee, ik kan beter zeggen: wat me nog het meest tegenviel, was het feit dat in de meeste vacatureteksten een duidelijke voorkeur voor piepjonge redacteuren en tekstschrijvers naar voren kwam. Een paar van de voorbeelden die ik tegenkwam tijdens mijn zoektocht:

“Je bent bijna of net afgestudeerd.”
“Je bent toe aan je tweede baan.“
“Je hebt maximaal drie jaar ervaring.”
“Pas jij in ons jonge, enthousiaste team?”

Soms stond er letterlijk dat de werkgever op zoek was naar iemand jonger dan 30 jaar. En vaak bleken de vacatures stageplekken te zijn. Schrijven kun je leren, ja, maar soms is (wat meer) ervaring wel zo handig.

Freelance tekstschrijver

Tja, en daar sta je dan met je jaren ervaring als redacteur, webredacteur en tekstschrijver. Ik ben nog lang geen 55-plusser maar ook geen 30’er meer. Als 40-plusser ben ik te oud voor veel werkgevers. Maar te jong om ‘geprezen te worden als oudere werknemer’. Dus besloot ik zoals veel vakgenoten voor mij als freelance tekstschrijver door het leven te gaan. In eerste instantie als noodzaak bij gebrek aan een leuke baan.

De voordelen van freelance werken

Inmiddels zie ik vooral de voordelen van freelancen en ben ik niet meer op zoek naar een baan.
Ten eerste waardeer ik de afwisseling in opdrachten. De ene keer schrijf ik een blog over tenten, een andere keer interview ik een directeur voor de nieuwssite van een universiteit.
Ten tweede geniet ik van de vrijheid. Ik kan werken wanneer en waar ik wil. Voor mij geen dagelijks geforens midden in de spits naar een grijs kantoor in een andere stad. Ik geniet elke lunchpauze samen met mijn hond van de natuur.

Ik heb dus van de nood de deugd gemaakt, om maar even een lekker ouderwets spreekwoord uit de kast te trekken. Toch is het jammer dat als het op werven en selecteren aankomt, de meeste werknemers kennelijk toch liever een (piep)jong iemand zonder ervaring aan hun team toevoegen.

Aan hun jonge, enthousiaste team natuurlijk.

What’s in a name?

Station Zwolle moet Zwolle Centraal gaan heten, las ik laatst in de krant. Volgens de gemeente zal de nieuwe naam van het station de aandacht op de stad vestigen en meer prestige geven. De naamswijziging mag wat kosten: zo’n 200.000 euro.

Voor veel mensen lijkt deze stap waarschijnlijk muggenzifterij. Wat maakt een enkel woordje nou uit. Dat was ook mijn eerste reactie. Kan dat geld niet beter besteed worden? Aan een mooi park, een nieuwe speeltuin… Maar al snel kwam mijn achtergrond als communicatiedeskundige en tekstschrijver naar boven en keek ik met een andere bril naar het krantenbericht.

Grote stad

Grote steden hebben allemaal een centraal station. Utrecht Centraal, Amsterdam Centraal, Rotterdam Centraal…. Misschien wordt Zwolle dankzij de grootstedelijke, nieuwe naam van het station niet langer gezien als een provinciestad maar als dé grote stad van de regio. Dat levert veel voordelen op: meer toeristen, meer bedrijven die zich in de stad willen vestigen, meer culturele activiteiten enzovoort. Tijdens mijn studie Communicatiewetenschap heb ik bij het vak PR genoeg geleerd over het belang van de juiste naam voor een bedrijf, merk of in dit geval stad.

Het juiste woord

Daarnaast weet ik als tekstschrijver heel goed dat één enkel woordje een zin een totaal andere betekenis kan geven. Dat je soms lang zoekt naar dat ene woord dat de zin net wat mooier of duidelijker maakt. Een woordje dat de lezer net wat meer aanspreekt. Er wordt niet voor niets gezegd dat bij het schrijven van een tekst 30% van de tijd in het schrijven zelf gaat zitten en 70% aan het verfijnen van de tekst. Over muggenzifterij gesproken! Hoe meer ervaring je hebt als tekstschrijver, hoe sneller je het juiste woord of de juiste zin te pakken hebt, maar toch.

Zwolle, succes met de nieuwe naam voor het station. Ik hoop dat het werkt!

 

 

 

Tekstschrijver m/v

Ik ben van de leeftijd dat ik weleens kleren kocht bij de Zij en mijn man bij de Hij. Het was duidelijk en overzichtelijk. Op een gegeven moment, in 1999, heetten beide winkels ineens WE Fashion. Dat was best lastig. In je eigen stad wist je wel welke WE-winkel welke kleding verkocht. Maar was je eens leuk aan het shoppen in een andere stad, dan werd het lastig. Dan kon je niet meer op het logo op de gevel afgaan, maar moest je richting winkel lopen om in de etalage de koopwaar te bekijken.

Was Hij/Zij/WE Fashion een voorloper van de huidige genderneutrale beweging? Want daar kunnen we wel van spreken. Inwoners van Amsterdam worden niet meer aangesproken met meneer of mevrouw. Ook de NS drukt reizigers genderneutraal op het hart geen spullen te vergeten in de trein. Bij de Hema mag je voortaan zelf kiezen of je dat jurkje of dat T-shirt met een draak erop geschikter vindt voor een meisje of een jongen – pardon: voor een kind.

Genderneutraal schrijven

Ik vind het een prima ontwikkeling. Iedereen mag dragen wat hij of zij wil; zich mannelijk, vrouwelijk of beide voelen. Maar wat betekent het voor onze taal? Wat betekent het voor mij als tekstschrijver? Gaan we de woorden hij en zij afschaffen en spreken we alleen nog van ‘persoon’. Betekent dit het einde van vrouwelijke en mannelijke woorden? Wat gaat er gebeuren met de bezittelijke voornaamwoorden? En waarom krijgt een onzijdig woord eigenlijk een mannelijk bezittelijk voornaamwoord? Het is toch genderneutraal? Het lost wel een lastig taalprobleem op. Nooit meer twijfelen of het ‘de regering die haar…’ of ‘de regering die zijn…’ moet zijn. Of ‘De NS die zijn/haar/hun treinen…’ Wat was het ook alweer?

Eén bezittelijk voornaamwoord

Wat dat betreft is het Engels praktischer. Als het niet duidelijk is of het om een vrouw/meisje of man/jongen gaat, gebruik je gewoon ‘their’. Each child has their own locker. Geen gehannes met ‘zijn/haar’. Wel zo gemakkelijk! Natuurlijk worden her and his nog wel gewoon gebruikt. Maar het is een stapje verder dan ons gekunstelde ‘Ieder kind heeft zijn of haar eigen locker’. Als tekstschrijver kan ik mooiere zinnen schrijven als ik het soms onvermijdelijke ‘Hij of zij heeft…’ niet meer probeer te vermijden.

In het kader van het genderneutrale debat pleit ik voor het afschaffen van een vrouwelijke of mannelijke vorm van woorden. Alle woorden hetzelfde bezittelijk voornaamwoord! Ook wel zo gemakkelijk voor alle nieuwe Nederlanders. Ons taaltje is immers al lastig genoeg om te leren met al die ingewikkelde spellings- en grammaticaregels.

 

Vijf handige tips voor een blog op je website

Oftewel: een blog over een blog

“Je moet een blog maken! Dat is helemaal in.” Als je nog geen blog op de website van je bedrijf hebt, hoor je het vast regelmatig. En als je er al enthousiast mee begonnen bent, maar nu met je handen in je haar zit – want blogs moeten wel geschreven worden! – dan kun je wel wat tips gebruiken van een tekstschrijver.

Bedrijven ontkomen er niet meer aan, lijkt het wel. Elke week of twee keer per maand interessante, leuke blogs online: dat trekt bezoekers. Zoekmachines zien graag nieuwe content op websites, dus blogs zijn inmiddels een onmisbaar onderdeel van online marketing en van SEO (zoekmachine optimalisatie). Alleen SEO-teksten en mooie foto’s zijn niet meer voldoende voor een goed resultaat in Google en andere zoekmachines.

Tip 1: een onderwerp voor je blog kiezen

Het is vaak best lastig om een onderwerp te verzinnen. Ook ik als ervaren tekstschrijver moet soms even flink nadenken als de inspiratie niet wil komen. Een handige tip is dan: vraag het anderen. Vraag je collega’s en je klanten naar input. En kijk eens goed naar je e-mailberichten. Stellen klanten vragen over bepaalde onderwerpen? Denk dan aan een blog met tips, handige weetjes of ervaringen van andere klanten.

Tip 2: foto’s bij je blog

Een goede en effectieve blog bestaat niet alleen uit een tekst die interessant is voor de bezoekers van de website. De foto die je erbij zet is ook belangrijk. Waarom? Omdat:

  • het zoekmachinevriendelijk is (Google houdt van foto’s op websites);
  • het er aantrekkelijk uitziet;
  • je trefwoorden kunt toevoegen in de tags.

Tip 3: regelmatig een nieuwe blog

Veel kleine ondernemers gaan enthousiast aan de slag met hun eerste blogs. Er zijn genoeg interessante dingen om over te schrijven! Maar na de eerste paar blogs verdwijnt vaak langzaam de inspiratie. Ook lijkt het steeds meer tijd te kosten. Tijd – dat kostbare kleinood waar je als ondernemer altijd te weinig van hebt.

Toch is het belangrijk om regelmatig een nieuwe blog op je website te plaatsen. Dat hoeft heus niet twee keer per week. Alles is beter dan niets, dus als het maar eens per maand lukt om een verse blog te plaatsen, is dat ook goed. Waarom je het toch moet doen? Voor je bezoekers die ze graag lezen, voor je zoekmachine optimalisatie en voor de uitstraling van je website. Want wat denken bezoekers die op je website komen en zien dat de laatste blog van een jaar geleden is? Juist.

Tip 4: bereid je blog voor

Vaak komt de inspiratie op een onverwacht moment. Zit je in de auto op weg naar een klant en schiet een geschikt idee voor een blog je te binnen? Schrijf het meteen op! Lig je na een dag hard werken in bed en zie je het perfecte onderwerp voor een volgend blogje haarscherp voor je? Noteer het toch maar, want dikke kans dat je het de volgende dag vergeten bent. Dit geldt natuurlijk voor elke situatie. Een klant zegt iets, een collega roept iets, je leest iets in de krant of een vakblad…

Tip 5: laat een ander (bijvoorbeeld een tekstschrijver) je blogs schrijven

Ben je zelf niet zo’n schrijver? Of merk je dat je goede voornemens door tijdgebrek blijven liggen? Vraag dan eens aan iemand anders om de blogs te schrijven. Dat maakt ze gevarieerder en het scheelt je veel tijd. Die ‘iemand anders’ kan een collega, andere ondernemer of klant zijn. Of een freelance tekstschrijver die ervaring heeft met het schrijven van blogs.

 

 

 

 

Hyacint(h)

Tekstschrijver over spelling

Iedereen kent die mooie blauwe, roze of witte lentebloeier die bestaat uit kleine bloemetjes wel: de hyacint. Of schrijven we er een h achter en is het hyacinth? Misschien is tuinieren wel een van je hobbies, dan ken je deze bloem wel. Of wacht…is het toch hobby’s?

Het Engels is inmiddels zo verankerd in ons taalgebruik, dat veel mensen soms even de draad kwijt zijn. Aardig wat woorden in het Engels en Nederlands lijken behoorlijk op elkaar maar zijn net even anders. Zeker als je veel Engels hoort en leest, wordt het soms lastig om de juiste spellingswijze te kiezen. Het lijkt dan soms wel een labyrint(h) in je hoofd, als je naarstig op zoek bent naar het antwoord op de vraag of je een bepaald  woord schrijft met een i of y. Met een c of toch een k? Een enkele s of een dubbele s? Soms ga je aan jezelf twijfelen.

Babies of hobby’s

Voor expats is het al helemaal lastig. Nederlanders die al wat langer in den vreemde wonen, gaan ongemerkt hun moedertaal mengen met de taal van het land waarin ze wonen. Ik heb langere tijd in het Midden-Oosten gewoond, in een land waar de voertaal Engels was. Voor het magazine van de plaatselijke Nederlandse vereniging schreef ik artikelen en corrigeerde andermans kopij. Sommige artikelen waren in goed Nederlands geschreven, met alleen hier en daar een Engels woord of letterlijk vertaalde uitdrukking. Maar sommige teksten die ik onder ogen kreeg waren een volledige mengelmoes van Nederlands en Engels. De redacteur in kwestie hield dan zoveel mogelijk de Engelse spelling aan. Ik heb nog nooit in mijn leven zo veel c’s in k’s veranderd, zo veel ies in y’s (hobby’ en baby’s waren kennelijk woorden die nogal eens terugkwamen in de artikelen) en zo veel uitdrukkingen ‘vertaalt’ naar de Nederlandse variant.

Verengelsen

Hoe dan ook, het Nederlands is de laatste jaren behoorlijk verengelst. Het is zelfs een gewoon Nederlands werkwoord geworden, verengelsen.
Engelse woorden en gezegdes die ik als scholier niet eens kénde, laat staan gebruikte, bezigt mijn tienerdochter alsof ze altijd al in het Groene Boekje stonden. Dan hebben we het nog maar niet eens over de Engelse woorden die (nog!) niet in het Groene Boekje staan… Is de verengelsing (lelijk woord trouwens) van ons taaltje erg? Jammer? Internationaal? Onvermijdelijk? De meningen zijn verdeeld. Of beter gezegd: gemixt.